Update Europees bosplantsoen vanuit Noorwegen
In de EFNA zijn 15 Europese landen vertegenwoordigd. Jaarlijks wordt de actuele stand van zaken besproken, niet alleen in het bosplantsoen maar ook in de bosbouw. Dit jaar was de 69e EFNA-bijeenkomst in Drammen, Noorwegen. Namens LTO en de cultuurgroep Bos- en Haagplantsoen waren Erik Kloosterhuis en Henk Huijsman erbij, namens Royal Anthos was Florian Faassen erbij.
Na aankomst volgde eerst een wandeling op een berg en een bezoek aan Aass, de oudste bierbrouwerij van Noorwegen. Onderling konden we mooi weer de contacten aanhalen met alle leden.
Op de jaarlijkse vergadering is de meeste tijd gesproken over de nieuwe FRM-verordening (Forest Reproductive Material) die in Brussel is opgezet en recent is aangenomen door het Europees Parlement. Deze verordening gaat voor alle Europese lidstaten nieuwe regels geven voor bosbouwkundig gebruik. De nieuwe FRM is nu aangenomen en de komende 5 jaar mogen alle lidstaten hier nog invloed op uitoefenen, met als doel de regeling ook praktisch uitvoerbaar te maken voor bedrijven. Medio 2031 zou de FRM dan in werking moeten treden. De verordening vervangt de bestaande EU-richtlijn voor het in de handel brengen van bosbouwkundig teeltmateriaal uit 1999.
Genetisch diverse klimaatadaptieve bossen
Europa wil fors meer bossen en zo ook heeft Nederland haar nationale Bossenstrategie. Hiervoor is kwalitatief genetisch materiaal van essentieel belang, zodat de juiste boom op de juiste plek geplant wordt en daarmee genetisch diverse klimaatadaptieve bossen aangeplant worden.
In de nieuwe FRM worden de volgende doelen nagestreefd: het verzekeren van de kwaliteit en beschikbaarheid van goed en divers bosbouwkundig materiaal in de EU, het zorgen voor een gelijk speelveld voor bedrijven, en het aanplanten en herplanten van bossen voor diverse doelen: behoud van biodiversiteit, productie van hout, herstel van bosecosystemen, klimaatadaptie, klimaatmitigatie en behoud en duurzaam gebruik van genetische bronnen.
LTO actief gereageerd op concept FRM
Het was Frankrijk die in 2013 een eerste verzoek indiende voor wat nu de FRM is, maar werd destijds weggestemd. In 2020 heeft Frankrijk het wederom ingebracht en is destijds doorgezet. In 2021 was er een eerste opzet van DG Santé (Directoraat-Generaal voor Gezondheid en Voedselveiligheid van Europese Commissie) met scenario’s. In 2022 was dat eerste voorstel bij de EFNA bekend.
Vanaf die tijd heeft LTO er actief op gereageerd via verschillende kanalen, zoals via de EFNA, maar ook via LTO Den Haag en LTO Brussel. Probleem was dat er elk half jaar een nieuw land voorzitter is van de EU, en daarmee steeds wisselende invloeden. Het was een politiek spel waarbij input vanuit elk land welkom was.
Belangrijk verschil met de huidige bosbouwrichtlijn is dat de nieuwe FRM-verordening ook een daadwerkelijke verordening zal zijn. Een verordening is een wet die in alle EU-lidstaten geldt. Een richtlijn bepaalt een EU-einddoel; lidstaten mogen regels zelf vertalen in nationale wetgeving.
De lijst met plantensoorten die onder de FRM gaan vallen is heel lang. Dat zal even wennen zijn voor Nederland, maar met verschuivingen in klimaat kan het onze bedrijven later ook weer van pas komen: om soorten die zuidelijke EU-landen gebruiken op deze lijst te hebben staan. Forematis (Forest Reproductive Material Information System) zal de officiële website worden waarin alle Europese herkomsten die op de rassenlijst horen, te vinden zullen zijn.
Noorse bosbouw traditioneel
Op de EFNA-bijeenkomst is verder nog een lezing geweest vanuit het Nibio-instituut uit Noorwegen over zaadoogst-zaadgaarden en zaadbehandeling. Ook was er een lezing van de Norwegian Forest Seed Agency over boomsoorten die in Noorwegen mogelijk te gebruiken zijn in de toekomst. Daaronder Quercus robur, Pseudotsuga en Larix.
De Noorse bosbouw is zeer traditioneel en laat wettelijk geen andere soorten toe dan van naaldhout hoofdzakelijk Picea abies en een deel Pinus sylvestris, en als loofhout voornamelijk Betula pendula. De bosbouw heeft echter last van vraatschade door elanden.
Met de EFNA is een particulier bosbouwterrein van 5.500 ha bekeken. Opvallend is de toepassing van zeer lage plant aantallen, slechts 200-400 stuks per hectare. In Nederland is dat circa 4.000-4.500 stuks per hectare. Uitschieter is Hongarije waar soorten als Quercus met 10.000 stuks/ha worden geplant. De kwaliteit van het plantsoen is daar namelijk zo matig, dat Hongaren daarom maar hogere aantallen plant!
Bosplantsoen in pluggen
Tot slot is bosplantsoenkwekerij Norgesplanter AS in Hokksund bezocht: Picea abies en Pinus sylvestris in grotere aantallen in pluggen. Alle planten worden met een soort spray/verfachtige substantie behandeld om aantasting van Hylobius abietis, de grote dennensnuitkever, te voorkomen in het bos.
Bijzonder is verder de methode van verpakken: met veel arbeid worden 50 plugplanten in een plastic zakje gedaan, en vervolgens 300 of 500 stuks in een uitvouwbaar houten kratje. Dit alles op ze goed op te kunnen slaan in de koeling en makkelijk te kunnen transporteren naar de plantlocatie.
Volgend jaar wordt de EFNA-bijeenkomst in Nederland georganiseerd.
Henk Huijsman
Voorzitter LTO Cultuurgroep Bos- en Haagplantsoen